zondag 7 mei 2017

Flashbacks.(2)


Er was niemand die me vasthield. Toen ik een telefoontje kreeg, dat ik naar het ziekenhuis moest omdat er iets gezien was. 
Toen ik telefoontjes kreeg van mensen, die zeiden dat ze vaker wat zagen en dat er achteraf toch niets aan de hand was.
Leven tussen hoop en vrees. Ik kom uit een hele gezonde familie. Borstkanker komt niet voor. Ik ben fit en energiek. Ik heb het niet.

Maar waarom zou ik het niet kunnen hebben? Boos? nee boos niet. Waarom de ander wel en ik niet. Ex huilde een aantal dagen. Verstomd keek ik hem aan. Zwijgend en op slot. Achteraf begrijp ik waarom ex zo huilde. 
Verlies van zijn popje, hij zou haar in moeten ruilen. De energie, die dat weer zou kosten.

Daar kan ik boos om zijn. Verschrikkelijk boos. 

De chirurg wilde dat ik hulp zou zoeken. “Je kunt je verdriet niet kwijt” zei ze.
Waar zou ik moeten beginnen? Ik wilde niet. 
De tunnel was nauw. Er was geen plek voor een ander. Alleen liep ik er door heen. God Die bij me was, was in me. Dichterbij kon Hij niet zijn.

Maar gewoon een mens waar ik me geborgen zou kunnen voelen. Die me vast zou houden, die me zou vertellen dat het wel goed zou komen.
Ze waren er niet. Wel waren er mensen, die zeiden dat God mij zou genezen. Ze wisten het zeker. Proclameer het maar. " Geen ernstige ziekte zal uw tent naderen."

Woorden zouden kracht hebben. Ook dat sloeg tegen bevreemding. Ik ben de Almachtige niet. Als mijn positieve woorden zoveel kracht zouden hebben om mij van mijn kanker zou genezen. 
Hoeveel kracht zouden mijn negatieve woorden dan hebben?
De grond zakte onder mijn voeten vandaan. Het water van de vloed spoelde het zand onder mijn voeten weg. Mijn tenen kromden zich om dieper in de aarde houvast te vinden.
Kwam ik dan zo sterk over, dat niemand voelde om me te omarmen en geborgenheid te geven?
Ex zei dat ik wel mocht huilen. Hoe kon ik huilen bij ex, die om het minste en geringste in woede uitbarstte? Die de lading die zich in hem ophoopte op mij moest afreageren, zodat hij zich na die tijd kon gedragen alsof er niets was gebeurd?

Al met al denk ik nu nog dat geborgenheid en veiligheid niet bij een man te vinden is.
Wel weet ik dat ik het kan vinden bij God. Toen wist ik het en nu nog steeds.

 De God Die zich bekend maakte toen ik vier jaar was. De God Die naast me ging zitten op het randje van het trottoir. In een nooit vergeten moment dat me droeg door heel mijn leven heen. Je ziet het vaak bij kinderen die een lastig leven tegemoet gaan.
God geeft ze een extra rugzakje mee van Zijn tegenwoordigheid. 

Een rugzakje waaruit ze voortdurend kunnen putten. 
Want Hij achtervolgt ze met Zijn heil en goedertierenheid.

@Lineke

2 opmerkingen:

Leuk dat je mijn blog leest.
Mocht je willen reageren en je vind het lastig om het onderaan te zetten, je mag me altijd een mailtje sturen.

lief.kostbaar.mensenkind@gmail.com

Een hele lange adem.

Het meisje van tien, wat was ze gebroken.  Eenzaam liep ze door de herfstregen en werd tot op haar velletje nat.. Maar wat er ook ...