zondag 2 juli 2017

De tafel.(2)


Deze blog is een vervolg op de tafel. Als je die nog niet gelezen hebt, kan ik je hem aanraden, zodat je deze beter begrijpt.
In de tafel vertelde ik over de wind, die het huis binnendringt je schatten van tafel veegt om er de zijne op te leggen. Ik schrijf over het mechanisme wat gebruikt word om deze handeling te kunnen verrichten.
In deze blog wil ik bij de eigenaar van de tafel blijven.
Want dat de wind de kans krijgt om je schatten van tafel te vegen heeft alles te maken met jezelf.
Ooit in een ver verleden is je geleerd om het verdriet en de pijn van anderen belangrijker te achten dan die van jou.
Toen je nog geen keuze had kwamen ze bij je om troost. 
Ze waren niet uitgegroeid tot gezonde volwassenen die in volwaardige relaties met anderen elkaars behoeften konden vervullen. Die verantwoordelijkheid namen voor hun groei en dat niet op schouders van kleine kinderen legden.
Ze waren blijven steken in hun groei en ontwikkeling.
En deze volwassenen deden een beroep op jou.
Jij werd gedwongen als kind hun leegtes op te vullen.
Je was niet in staat om nee te zeggen.

Keer op keer werd dat van je gevraagd. En als je daaraan beantwoordde was je een braaf kind. Je kreeg de bevestiging die je nodig had om op te groeien.
En dat systeem nam je mee je volwassen leven in.
En juist dat systeem maakt dat je je schatten van tafel laat vegen.
Het is goed, om de waarheid ervan onder ogen te zien.
Want de waarheid is, dat God dit niet voor je heeft bedacht.
Ook ik worstel hiermee. Ik ben moe om altijd mijn schatten opzij te leggen vanwege verdriet van de ander.
Ik ben er moe van om verantwoordelijk te moeten zijn voor waar de ander verantwoordelijkheid voor moet nemen.
Ik ben er verdrietig over dat het systeem wat in mijn jeugd is ontstaan zolang door werkt. 
En ik verlang ernaar dat God mij ervan verlost.
Jij ook?

   
  Een pelgrimslied.
    Uit de diepten roepen wij tot U, o HEERE;
   Heere, hoor naar onze stem.
    Laat Uw oren opmerkzaam zijn
      op onze luide smeekbeden.
  Als U, HEERE, op de ongerechtigheden let,
      Heere, wie zal staande blijven?
  Maar  bij U is vergeving,
      opdat U gevreesd wordt.
   Wij verwachten de HEERE,  onze ziel verwacht Hem
      en wij hopen op Zijn woord.
    Onze ziel wacht op de Heere,
      meer dan wachters op de morgen,
        wachters op de morgen.
  Laat Israël hopen op de HEERE,
      want bij de HEERE is goedertierenheid
        en bij Hem is veel verlossing.
  Ja, Hij zal Israel verlossen
      van al zijn ongerechtigheden.

Psalm 130

@Lineke.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Leuk dat je mijn blog leest.
Mocht je willen reageren en je vind het lastig om het onderaan te zetten, je mag me altijd een mailtje sturen.

lief.kostbaar.mensenkind@gmail.com

De boom. (2.)

En de vrouw zag dat die boom goed was om ervan te eten en dat hij een lust was voor het oog, ja, een boom die begerenswaardig was om er ve...