vrijdag 23 november 2018

De Rugzak


Ze liep over de bergen en door de dalen.


Met een loodzware rugzak op haar rug. Ze ging er onder gebukt.


Want er zal zoveel in. Naarmate de jaren vorderden werd de rugzak zwaarder.


 Gebeurtenis na gebeurtenis werd er ingepakt.


Soms ging ze zitten langs de kant. Bezweet en wel. Warm van het lopen en zoeken


Zoeken om een pad te vinden waar haar voet houvast zou kunnen hebben.


Deuren gesloten van huizen die openstonden en waar ze een tijdje verbleef.


Het pad wat vanaf het huis verder leidde naar een onbekende toekomst.




Bloemen.


Speurend zag ze toch weer bloemen staan. Langs de kant van de weg.


Het werden er steeds meer. Een weide vol.


Ze plukte armen vol. En deelde uit. Maar de rugzak was nog steeds zwaar.


Ze struikelde en kwam aan de kant van de weg liggen. Bedolven onder haar rugzak.


Stil naderde een man. Hij knielde neer. Bij haar.


Of zijn broekspijpen onder het stof kwamen, het maakte hem niet uit.


Hij opende Zijn kruik en goot vocht tussen haar gedroogde en gesprongen lippen.


Hij tilde haar uit de zon en toen ze haar stem weer had herwonnen nodigde


Hij haar uit om te gaan vertellen.


Vertellen over haar werk als verpleegkundige wat ze zo graag had gedaan.


Over het feit dat ze pfeiffer had gekregen en ziek was geworden.


En te midden van die onontdekte ziekte terwijl ze aan het werk was,


die foute man was tegengekomen


die net deed alsof hij de meest geweldige man was die er bestond


Hij had haar gered uit alle vermoeidheid, wilde voor haar zorgen.


Maar toen de deur zich sloot begon het geweld.


En toen ze borstkanker kreeg ging de deur van de gevangenis weer open.


En nu ze in de schaduw zit met haar rug tegen de rug van Die Man vertelt ze.


Ze vertelt en staart voor zich uit.


Ze voelt Zijn veilige vertrouwde rug terwijl ze haar stem hoort rijzen en dalen.


En als ze bij gruwelijke details komt voelt ze Zijn rug niet verstrakken of verschrikken.


Hij schijnt er tegen te kunnen.


Tegen de aanblik van al die voorwerpen


die een voor een uit de rugzak worden genomen


en voor hun neergelegd.


Voorwerpen waarover ze vertelt en die Hij respectvol in Zijn beide Handen neemt.


In Zijn Handen neemt nadat Hij haar toestemming heeft gevraagd


om dit te mogen doen.


En telkens geeft ze Hem toestemming omdat die rug niet verstrakt en


 veilig blijft voelen.


De Rug die aanmoedigend is en niet veroordelend.


De ruimte die ze vind voor haar ogen alsof ze als een vogel zo op kan vliegen om weg te gaan.


Maar zover is ze nog niet.


De rugzak is te zwaar en er mag nog meer uit.


De voorwerpen die Hij in Zijn Handen neemt worden lichter.


Ze worden zelfs licht. Ze schijnen door de kieren van haar hart en vullen de scheuren.


Ze vertelt hem dat ze het niet begrijpt.


Als haar vader een beschermende Vader was


 had Hij haar toch gewaarschuwd. Had Hij het toch voorkomen?


Was het niet genoeg, had ze niet genoeg meegemaakt?


Er waren vrouwen die het geluk hadden een lieve zorgzame man te ontmoeten.


Die oneindig geduldig was en waar ze geborgenheid vonden.


Waarom moest zij langs die snoeiharde weg gaan?


Oh ze had het een poos gecultiveerd die snoeiharde weg.


Ze had geloofd dat ze vanuit die weg vrucht mocht dragen


mocht laten zien dat Jezus leeft en dat Hij in staat is van gebrokenheid


iets moois te maken.


Ze wilde daar een voorbeeld van zijn.


Maar nadat ze al de geplukte bloemen had uitgedeeld bleef er niks meer over.


Ze viel langs de kant van de weg en werd opgeraapt door Hem.


En nu? Nu zit ze met haar rug tegen zijn rug.


En vertelt. En zwijgt. En is boos. Maar is vooral moe.


En ziet de ruimte voor haar.




U hebt zeer milde regen doen druipen, o God;


Ú hebt Uw eigendom versterkt,


toen het uitgeput raakte.


Uw kudde woonde daar;


U maakte Uw eigendom door Uw goedheid gereed


voor de ellendige, o God.


De Heere gaf stof tot spreken;


de boodschapsters van goede tijding vormden een groot leger.


De koningen van de legermachten vluchtten weg, zij vluchtten weg;


maar zij die thuis bleef, deelde de buit uit.


Al lag u tussen twee rijen ovenstenen,


toch zult u schitteren als vleugels van een duif, overtrokken met zilver



en zijn veren met bewerkt groenglanzend goud. Psalm 68:10-15




@Lineke














maandag 19 november 2018

Muren rond jouw hart?


Vandaag zijn de dakbedekkers weer present. Vanuit mijn keukenraam kunnen we elkaar aankijken en we gaan de derde week in.
Omdat mijn uitzicht normaal vrij is, was ik er niet op bedacht dat er ineens kijkers waren.
Niet dat het hun een fluit interesseert, wie zich door het huis op de tweede etage beweegt, ze zijn druk met hun dak.
Wat een werk is het om dat dak dicht te krijgen.
Eerst werd er een veiligheidshek om de dakrand gebouwd. daarna werd de laag verwijderd die over de tegels lag daarna de tegels opgestapeld en daarna de onderlaag verwijderd.
Precies kan ik je het niet vertellen, ik volg het niet.
Wel weet ik dat er alles aan gedaan word om de huizen bedekt te krijgen.
Inmiddels laat ik mijn rolgordijnen dicht.
Al kijken ze niet het voelt gewoon veel vrijer om het even zo te laten.
Heerlijk is het om jezelf af te mogen schermen voor de buitenwereld. Om te bepalen wie er binnen mag komen en hoe ver.
Soms heb je de ervaring dat alle muren met geweld omver gehaald zijn en dat grenzen niet meer bestaan.
Het mag ook niet meer, want de muren rond je hart moet je afbreken. Dat word vaak verteld. Maar voor wie moet je ze afbreken?
Voor God is het niet nodig, want Hij ziet je en is bij je.
Hij heeft respect voor alles wat je voor jezelf wil houden en nog niet bloot wil geven aan Hem.
Hij begrijpt dat het nodig is om je dak dicht te houden voor de storm en de regen.
Hij weet als geen ander dat er mensen zijn die in en uit willen lopen en hun ongevraagde bemoeienissen met jou neer willen leggen.
Ja je hebt het recht en zelfs de plicht tegenover jezelf je te beschermen.
Dan maar een paar dikke muren om je hart. Het komt wel goed met je.
En er is helemaal niks mis met je..


Bescherm je hart boven alles wat te behoeden is,

    want daaruit zijn de uitingen van het leven.  Spreuken 4:24



@Lineke



donderdag 15 november 2018

Kleurtjes.


Helemaal gelukkig loop ik in mijn nieuwe paars floerse pyama rond.
Hij is nieuw en lekker behaaglijk. Hij geeft in de ochtendkilte van het huis comfort.. Het is nog te vroeg om de verwarming aan te zetten.
Met een temperatuur van 20 graden in de kamer is dat ook niet echt nodig.
Maar het verlaten van je warme bed geeft toch een koude in het vooruitzicht.
Vooral als je dankbaar wakker word, omdat je goed geslapen hebt.
Om dan je holletje alleen te laten en achterom kijkend de afdruk van je wezen in de lakens te zien en bezig te moeten om de dag die afdruk achter te laten.
Dat is een stap geweest, altijd al.
Nu er niet allerlei afspraken op de agenda staan, ik houd het zo rustig mogelijk , is het beter.
Het is heerlijk te bedenken dat ik niks heb, dat de dag als een grote witte vlek voor me ligt en dat ik het mag in gaan kleuren.
En dat ik zelfs buiten de lijntjes mag komen met rood, geel en bruin en groen.
De natuur, die zich in deze kleuren zich aan mij laat zien en die het overal neergestrooid heeft.
Inderdaad buiten de lijntjes van paden en wegen en brutaal op het groene gras.
Alsof we onder de indruk moeten komen, van wat ze in de zomer heeft gedragen.
Alsof ze vindt dat we niet voldoende hebben gekeken naar haar en  aan haar voorbij geraast.
En nu, vlak voor het sterven legt ze haar kleurige vracht voor onze voeten neer.
Stil staat ze daar en vraagt zich af of we nu eindelijk naar háár kijken.
Eindelijk naar haar, die het alles aan ons gaf.
Het doet me denken aan de Here God.
Waar kijk ik naar?
Kijk ik naar de geschenken, die me dagelijks gegeven worden?
Of kijk ik ook naar Degene die het geeft.

Three men and a star in the sky
Oh what I would give for a wisdom so bright
One girl with a journey to make
Oh how I wish I was that brave
Fearless, shameless, faith through the dark
How I wish I was as strong as they are
You say come to me wait no more
I give you all you're asking for
Forget the lies this world has told
I'll wrap your life in linen gold
I'm more than just only
One night that's holy
I’m your star and I'm your wish
Cause I am both the giver and the gift
A child far away born in the night
Too young to know what is meant for his life
But he'll grow and he'll love more than anyone can
And the world's gonna see a light where he stands
He'll say come to me wait no more
I give you all you're asking for
Forget the lies this world has told
I'll wrap your life in linen gold
I'm more than just only
One night that's holy
I'm your star and I'm your wish
Cause I am both the giver and the gift
Christmas Eve, all I see
Is snow on the trees
And it's white and it glows
That's how I want to be
And You say come to me wait no more
I give you all you're asking for
Forget the lies this world has told
I'll wrap your life in linen gold
I'm more than just only
One night that's holy
I'm your star and I'm your wish
Cause I am both the giver and the gift
The giver and the gift

@Lineke







woensdag 14 november 2018

Mijn redding werd mijn passie.


De afgelopen twee dagen waren een rollercoster. Waarom? 
Nadat een speciale en geheime eenheid vanuit Israël was overlopen in Gaza, volgde er een raketregen vanuit Gaza met minstens 400 raketten, die gericht waren op het zuiden van Israël.
De mensen daar hebben dagelijks te lijden onder branden, maar nu mochten ze weer in de schuilkelders en veilige kamers duiken.
Kinderen die getraumatiseerd zijn door deze maandenlange dagelijkse aanvallen.
En na 24 uur is er een wapenstilstand bedongen en terwijl ik verwacht had, dat Israel hard terug zou slaan legt ze zich er bij neer.
Waarom ben ik zo gepassioneerd als het om Israël gaat? Mijn lezers verbazen zich over mijn passie en kunnen dat niet helemaal volgen.
Ik zal je vertellen hoe het is ontstaan.
Er was een moment dat ik de man, die mijn vader behoorde te zijn confronteerde met zijn daden.
Ja, ze hadden me het afgeraden, omdat de ervaring geleerd heeft dat het ontkend word.
Maar ik had het nodig om de verantwoordelijkheid te leggen waar die hoorde.
En er was niet alleen mijn vader, mijn moeder en de rest van het gezin was er ook nog.
Helaas geloofde niemand mij en mijn “vader” ontkende met de hand op de Bijbel.
 De dagen die volgden waren aardedonker en de wens om te mogen sterven griezelig dichtbij.
Totdat tot me doordrong dat ik niet de enige ben die door leugens mijn hele familie verloor.
Ook de Joden Bijbels gezien mijn oudste broer, uit hun is de Messias Jezus geboren, ook zij verloren hele families. En ook zij hoorden “Dat hebben we nooit geweten”
Ook bij hun was het zo, dat er een andere kant op werd gekeken.
Dat besef gaf me een nieuwe familie. Ik hoorde bij hun thuis.
Ik kon verder de tunnel van verwerken in, de wildernis waar het bar en boos was.
Tijdens die tocht werd ik een paar keer bevestigd.
Ik kreeg een profetie. Iemand bad voor me en vertelde dat ik een nieuwe naam had gekregen.
Mijn achternaam die ik haatte was veranderd in “De dochter Van Sion”
De man die voor me bad kwam uit Amerika en wist niks van me.
Maar wat was het raak.
Voordat ik de wildernis van verwerken introk had ik om 2 dingen gevraagd.
1. Dat ik er niet in wilde blijven hangen. Dat het niet mijn identiteit mocht worden.
2. Dat wat ten kwade gedacht was ten goede gekeerd mocht worden.
Toen ik het oerwoud uit kwam werden deze twee dingen verhoord.
En ontving ik de roeping om naar een kinderziekenhuis in Jeruzalem te gaan en te werken met baby’s aan de beademing.
Een vrouw, die geen kind had mogen zijn, mocht zorgen voor kinderen die geen kinderen konden zijn.
En nu?
Als mijn familie in nood is, schreit mijn hart.
Wat is het naar om dan op afstand, ver weg te zijn.
Maar na de laatste 24 uur van raketregens, waarin ik verwacht had dat mijn oudste broer hard terug zou slaan, heb ik besloten om afstand te nemen.
Wel doet het me nadenken.
Hoe sta ik zelf in het leven?
Laat ik me regeren door de mening van anderen?
Als je bijvoorbeeld chronisch vermoeid bent moet je grenzen stellen.
Nee zeggen en dat neemt niet ieder je in dank af.
Is het zo dat God mij bevrijdt uit moeilijke omstandigheden, doordat Hij de deur open zet en ik weg kan lopen?
Of moet ik stappen zetten en als ik dat doe, Hij met me is?
En dat, zolang ik nog niet sterk genoeg ben, ik sterk gemaakt word.
Het liefst wil ik aardig zijn en iedereen te vriend houden.
Maar dat helpt me geen stap verder.
Mijn oudste broer is in velerlei opzichten een spiegel voor me.
In hun lijden en tegenslagen weet ik, ik ben niet de enige.
En in het zoeken van de gunst van de wereld om hun heen, zijn zij niet de enigen.

@Lineke





zaterdag 10 november 2018

De ladekast.


Hij liep met haar op. En vertelde.
Het had hun niet meegezeten de laatste tijd. Terloops kwam het voorbij. Tijdens de wandeling. Maar zonder overgang werd er opgemerkt dat er nog veel positiefs was.
We liepen in het zonnetje.
Ik beaamde dat. Want ik liep er naast. En herkende.
Mijn hoofd lijkt op een kast.
Een kast met laatjes. En ik weet precies welke la ik open.
Geluk heet dat laatje en het loopt over.
Ik breek mijn nek, als  ik er naar toe wil gaan.
 Op de grond liggen zonneschijn, kleurige bladeren, loeiende koeien, lekker kopje koffie en noem maar op.
Terwijl het laatje van verdriet vast zit. Ik kan er aan rukken, het blijft dicht.
We doen net alsof het er niet is.
En als er toch een voorwerp in het zicht komt, kiezen we.
We kiezen om het om te buigen.
We kiezen om midden in die pijn iets positiefs te kunnen zien.
En zo loopt ons laatje van geluk meer en meer over. En breken we onze nek over al die voorwerpen.
Die keuzes van geluk. We weten hoe het voelt. Dat geluk. Dus blijven we met dat laatje bezig.
Totdat. Totdat je tot de ontdekking komt dat de lade van verdriet eens open mag.
En dat die la helemaal niet zo eng is als jij wel dacht.
Dat hij er opgewacht heeft dat je het met zorgvuldige warmte en tederheid leegmaakt.
Daarna is hij blinkend schoon en gaat gemakkelijk open.
Hij wacht op nieuwe verdrietigheden die er ongetwijfeld zullen komen.
Die niet meer omgebogen zullen worden tot schijngeluk.
Maar met lef om onder ogen te zien wat er werkelijk is.

@Lineke





woensdag 7 november 2018

Onderschat nooit je talent.




Wat was het gezellig. Een lieve vriendin belde me gisteren of ik meeging. Vanochtend werden er kaarten voor gedetineerden gemaakt .
In de buurt is een gevangenis en vanuit gezamenlijke kerken bezoeken vrijwilligers de kerkdiensten die zondags daarbinnen gehouden worden.
Jaarlijks worden door de gezamenlijke kerken kaarten gemaakt en uitgedeeld.
De kaarten zijn om verstuurd te worden naar familie en vrienden door de mensen in de gevangenis.
En zo kwam de vraag naar me toe.
Of ik mee wilde doen.
Ik begon te lachen. Niet zozeer vanwege het doel, maar omdat er binnen in me nog altijd die kleuter woont.
Die kleuter die niet recht kan knippen, die heel royaal is met lijm, omdat ze denkt dat het niet vast blijft zitten en vervolgens alles aan elkaar plakt en het los gescheurd moet worden.
En vanuit die kleuter denk ik dat het wel niet lukken zal, maar dat ik graag meega.
Omdat het vast heel gezellig is.
En dat was het.
En heel verbazend was het dat ik hele leuke kaarten wist te fabriceren.
Eerst waagde ik me aan de pritstift, daarmee kon niet veel mis gaan.
Maar naarmate ik vertrouwen kreeg, ik vroeg met regelmaat wat de vrouwen rondom mij van het resultaat vonden, stroomde de creativiteit en werd de lijmpot ter hand genomen en voorzichtige stipjes neer gezet.
Wat was het mooi om te ontdekken dat ik van rustige kleuren houd.
Dat donkerblauw en zilver prachtig is. Ik keek naar mezelf en ontdekte.
Maar om me heen ontdekte ik veel meer.
De een was praktisch. De ander was met stofjes bezig. Weer een ander maakte hele moderne kaarten.
Dan was er iemand die de koffie verzorgde.
De kaarten werden op de kast gezet en bekeken.
Met liefde gemaakt voor mensen die hun vrijheid in moesten leveren.
Juist dat eigen gemaakte ontroerd werd er gezegd.
De bundel kaarten vertegenwoordigen de veelkleurige liefde die rondgestrooid zal worden.
Een ieder op zijn eigen wijze.
En wie weet waar ze terecht zullen komen, in wiens deur ze zullen vallen.
Onderschat nooit je talent.

@Lineke


dinsdag 6 november 2018

Verantwoordelijk voor elke ziel?


Gisteren schreef ik over een onderwerp wat me momenteel bezig houd en vanwege de reactie van Anne borduurde ik er in gedachten op verder.
Laat me beginnen bij het begin.
Er was een tijd dat ik me verantwoordelijk voelde voor elke ziel die verloren ging.
Dit kwam door bepaalde foto’s van mensen, die onderweg waren en in de afgrond stortten.
Daarbij werd verteld dat er per dag zoveel mensen stierven en dat wij als christenen aan het einde van ons leven verantwoordelijkheid moesten afleggen voor die zielen, omdat wij het goede nieuws niet hadden verkondigd.
Hun verloren gaan was onze schuld.
Dat betekende dat ik het evangelie moest verkondigen.
Ik heb met een clubje op straat staan zingen en flyers uit gedeeld.
Ben als Bijbelschoolstudent met andere Bijbelschoolstudenten deuren langs gegaan.
Was het om mijn toekomende vermeende schuld te vereffenen?
Dat weet ik eigenlijk niet.
Wel weet ik dat het mij niet echt ligt.
Het past zelfs niet bij mij om mijn medemens te benaderen met een bekeringsdrang.
Ik heb gemerkt dat ik de ander benader met een dubbele agenda mocht dat mijn drive zijn.
En dat mij het verheft naar een hogere plek, want ik ben er immers al.
Ik ben wel in contact met jou, maar ondertussen ga ik op zoek naar een gaatje zodat ik in kan breken en jou Jezus kan verkondigen.
Ooit was ik aan het werk en had ik late dienst gedraaid. Aan het einde opgevolgd door een collega nachtdienst.
Ik had haar een tijd niet gezien en zodoende raakten we aan de praat.
Ze vertelde me van grote moeilijkheden. Ik luisterde en toonde betrokkenheid.
Aan het einde van ons gesprek namen we met een knuffel afscheid en ik reed naar huis.
Terwijl ik daar reed in het donkerte van de nacht overdacht ik ons gesprek.
En bekende het aan de Heer.
“Ik heb U niet genoemd. U bent toch de oplossing voor haar problemen.”
De Stille Stem zei zacht, dat ik Hem had laten zien in elk facet van onze ontmoeting.
In het aandachtig luisteren, in herkenning, in elkaars zwakheid ervaren. In het menszijn en nabijheid vieren.
Daar was Jezus. En daar kon Hij binnenkomen.
Die rit naar huis was een leermoment voor mij.
Dus daar komt het op aan.
Om contact, in wederkerigheid, in echte belangstelling, in liefde vieren.
Sindsdien ben ik gestopt met een bekeringsdrang vanuit schuldgevoel.
Zo wie zo met een bekeringsdrang.
Want die dubbele agenda geeft mij het gevoel dat ik beter ben dan de andere.
Ik vind het fijn om zonder voorwaarden de ander te ontmoeten.
Om zwakheid en kwetsbaarheid te delen. Om leven te vieren in het menszijn.
En ik geniet daar zo van.
En in ons samen zijn, kort of lang, mag iets van eeuwigheid zichtbaar zijn.
Een voorproefje van de Hemel waar leven is en harmonie en vrede heerst.
Een nasmaak van wat er in het paradijs te vinden was.

@Lineke




zondag 4 november 2018

Laat me los en houd me vast.



Soms zit je in processen. Het dient zich aan en je kunt er niet om heen.
Vanaf december vorig jaar ben ik bezig met het misbruik van meester in de vierde klas van de lagere school.
De School met den Bijbel wel te verstaan.
Naast dat het een ontzettende diepe weg is, een weg van je niks waard voelen, als een vuilniszak die je langs de kant van de weg mag zetten, ben ik opnieuw bezig de waarden en regels van wat gristelijk heette te onderzoeken.
Gisteravond ging ik naar een concert van een muziekvereniging die al 120 jaar bestaat. Niet zo maar een muziekvereniging, ze zijn erg goed.
Ik had ook naar een klassiek concert in een kerk gekund of naar een andere kerk waar een praiseavond was onder leiding van een landelijk bekende praiseband.
Allemaal in ons vaak stille dorp op één moment.
Waarom koos ik voor de muziekvereniging?
Omdat het een hechte club is. En omdat ze goed zijn.
En omdat ik mensen ontmoet die ik in mijn kring niet ontmoeten zou.
En dat laatste vind ik fijn.
Ik geloof niet, dat ik mijn geloof binnen vier muren en binnen een bepaalde groep mensen kan verspreiden. 
Gisteravond fietste ik er heen.
En ging opstandig in tegen de innerlijke stem.
“Wel naar een concert en morgen niet naar de kerk? Wie weet van visjes vangen moet ook weten van netten drogen.”
Ik zei tegen die stem dat ik inderdaad niet naar de kerk zou gaan, maar wel naar een concert.
Land veroveren, zo lijkt het.
Ik kwam naast een echtpaar op leeftijd. Over de 80 en dat was te zien.
Broos maar vol leven.
Ze begonnen gesprekjes met me, omdat ik blijkbaar alleen was.
In de pauze vroeg de man of hij wat voor me mee kon nemen.
Hij liep weg en de vrouw en ik raakten verder in gesprek.
Het “waar kom je vandaan en hoe bevalt het hier” werd natuurlijk gevraagd.
Ik vertelde dat ik me in mijn dorp heel erg thuis gevoeld had, maar dat de glans er af was.
Want het geruzie om de winkelopening op zondag en het vliegen afvangen door de oude coalitie naar de nieuwe was me zo tegen gevallen.
Dat begreep ze heel goed en vond ook dat we verdraagzaam naar elkaar zouden kunnen zijn.
Als er nu een deel van de inwoners op zondag  hun boodschappen wil doen, dan moet dat toch kunnen.
Maar ja, zij waren niet zo gelovig.
Ik observeerde ze, het echtpaar.
Ze waren nog zo fris en groen. Niet beperkt in hun denken en handelen. Echt leven stroomde er door heen.
Mijn blik gleed verder.
Voor mij op het einde van de rij zat een man met zijn puberzoon.
Terwijl het orkest de mooiste en ritmische liederen speelden en we mee neurieden en klapten, wat denk je van 7 nummers van Abba in een medley, bleven ze stil en onaangedaan zitten.
Verwonderd vroeg ik me af of er geen greintje van herkenning in het brein opkwam en of het bovenlijf niet in de verleiding kwam om mee te deinen.
Niets helemaal niets.
Wat een verschil met het echtpaar op leeftijd, die zei niet zo gelovig te zijn en de man met zijn zoon, die heel gelovig is.
Weet je, ik oordeel niet.
Ik ben opnieuw bezig mijn weg te zoeken vanuit het traumatische gebeuren in een streng gristelijk milieu.
Ik wil bepalen wat ik wel en niet wil.
Vorig jaar hoorde ik een serie preken over het thema “De andere Kant van Zonde.”
Het ging erover dat als we tot Jezus komen en knielen bij het Kruis onze zonden vergeven zijn.
Vanaf dat moment hoeven we niet meer bezig te zijn met een meetlat.
Het meetlat wat vertelt hoeveel zonde we weer gedaan hebben en waar we ’s avonds vergeving voor moeten vragen.
Vanaf het moment dat we geknield hebben bij het Kruis en verloste zondaars zijn geworden, mogen we ons hart openzetten voor de wereld om ons heen.
Want Jezus vraagt niet als we thuis komen of we netjes hebben opgepast.
Hij vraagt of we de hongerige hebben gevoed, de naakte bekleed, gevangenen hebben bezocht.
Als we in Zijn Geest handelen, herkent Hij ons.
( Als we Hem vertellen dat we zondig waren en gebleven zijn, zegt Hij misschien verwonderd dat Hij daarvoor aan het Kruis ging. Zijn offer was toch niet voor niets?)
Dankzij Zijn genade mag ik in alle lek en gebrek opstaan en mijn hart openzetten voor mensen, zoals het echtpaar van gisteravond.
We hebben genoten en de man bedankte me voor de gezelligheid.
Het is een glibberige weg, de weg van loslaten.
En daarom is mijn gebed een voortdurend roepen.
“Laat me los en houd me vast”

@Lineke





zaterdag 3 november 2018

Hutspot.


Op dat moment bracht de Heilige Geest in Jezus een geweldige blijdschap teweeg. Hij sprak: ‘Vader! Heer van hemel en aarde! Dank U wel dat U de waarheid hebt verborgen voor wijzen en geleerden, maar aan kleine kinderen hebt bekendgemaakt. Dank U, Vader, zo hebt U het gewild. Lucas 10:21 HTB

Vanochtend stond ik op en ik rook het. Gisteravond heb ik stamppot hutspot gemaakt.

In dit huis bestaan er hypes.
Als een bitterkoekje bij de koffie zo lekker smaakt, neem ik wekenlang een bitterkoekje bij de koffie.
Totdat ik bitterkoekje niet meer aan kan kijken. Er is niemand die tegen me zegt: “Ah alweer een bitterkoekje?”
Als kind mopperden we weleens. Mijn moeder was van de gezonde.
In ieder geval kregen we een appel mee naar school. Thuis hadden we geleerd om hem goed op te eten.
Er werd gecontroleerd of je alle vruchtvlees van het klokhuis gegeten had.
Halve appels werden niet weggegooid.
Maar die appels droegen voor eeuwig de naam Golden Delicious.
Dag en dag uit, jaar in jaar uit, een Liesje.
En dat leverde weleens gemopper op.
Alweer een Golden Deliesje? Onverbiddelijk, er kwam geen andere op de fruitschaal.
Het gevolg is dat ik liesjes altijd vermijd.
Ze mogen nog zo aantrekkelijk lijken, ze liggen er voor anderen, niet voor mij.
Als het koolraaptijd was kregen we een plak koolraap.
Of een wortel. Snoep was er doorgaans niet.
Behalve de kingpepermuntjes op zondag.
Ze lagen klaar naast het collectegeld.
Drie pepermuntjes, drie geldstukjes en een schone zakdoek.
Ja, ik was naar de wc geweest, voordat we de deur uitstapten. Gekleed in mijn zondagse jurk die als hij sleets werd verschoof naar door de week.
Dat was wennen, het was alsof school eerst iets heiligs werd.
Het voelde vreemd om in mijn zondagse jurk op het schoolplein te spelen.
En in de klas te zitten temidden van alledaagse kleren.
Alsof ik voor even er niet bij hoorde en me gescheiden wist van kinderen die gewoon waren.
Wat was er veel cultureel bepaald in plaats van dat het met echt geloven te maken had.
Toen ik in Israël woonde deed ik die ontdekking.
Vele gewoonten vanuit Nederland die we als heilige huisjes hoog houden vielen om.
Wat overbleef was wat levend was.
Voor mij dan want ook daar is zoveel om het geloof heen gebouwd wat voor de mensen daar heel belangrijk is.
Maar wat met het eigenlijke evangelie niets te maken heeft.
Het is heel verfrissend om eens in het buitenland te wonen.
En te ontdekken wat mag omvallen en wat overeind kan blijven.
Maar niet ieder krijgt die kans, dat weet ik wel.
Ook thuis kun je de ramen en deuren wijd open zetten om de frisse wind er doorheen te laten waaien.
Om de geur van stamppot hutspot te verdrijven
en de prikkelende geur van de herfst binnen te laten.
Waar draait het dan om in het Evangelie? Om Jezus en Jezus alleen.

@Lineke







vrijdag 2 november 2018

Wisseling van seizoenen.





Wat een verschil.
In de afgelopen zomer sliep ik onder een dekbedhoes en soms schopte ik deze ook nog zuchtend van me af. Wat was het warm.
Muggen kregen de kans niet om mee te genieten van dat zweterig gedoe want ik profiteerde van een klamboe
Naarmate de temperatuur zakte en ik opgelucht adem haalde verscheen er weer een dekbed bekleed met hoes op mijn bed.
Een dunne wel te verstaan, maar een met kleine knoopjes aan alle vier de hoeken.
Ik heb ook nog een dekbed met knoopsgaten. Jawel, ze horen bij elkaar. Een zomer, een najaar en samen vormen ze een winterdekbed.
Ook dit is weer een lastige tijd. Oké, ik wil het niet overdrijven er zijn grotere problemen te noemen.
Maar laat me nou eens ruimte geven aan die kleine frustratie.
Het zomerdekbed is te koud. Ik stap in bed en lig een poosje te kleumen.
Ineen gekrompen probeer ik wat warmte uit mijn lijf te persen, want dekbed geeft niet voldoende.
Goede raad is duur, midden in de nacht ga ik op zoek naar het herfstgedeelte.
Met een geërgerde zwaai krijgt dekbed toestemming om er bij te mogen horen.
Tevreden val ik slaap, lekker warm.
Halverwege de nacht word ik wakker.
Het is veel te warm.
Ik schop, om mijn opnieuw verstoorde nachtrust, dekbed naar het voeteneind en hoop maar dat ik niet verkleumd wakker word.
Mijn slaap wil niet meer komen en mijn gedachten nemen een loopje.
Gaat het niet vaak zo in onze relatie met God de Vader?
We hebben het koud en zijn verkleumd en verlangen naar een douche van Zijn liefde en genade.
Aarzelend komen we dichterbij en Hij staat klaar.
We genieten ervan. Maar dichterbij God betekent ook dat we ons niet kunnen verbergen.
Het kan maar zo zijn dat je door Zijn warmte en liefde begint te huilen. Omdat je je niet kunt verstoppen voor Zijn liefdevolle ogen.
En juist dat is lastig en wil je niet.
Net als dat dekbed terug moet trek je je terug en bekijkt de zaak op een afstandje.
Is dat nu erg? Vind God dat erg?
Ik kan natuurlijk niet voor Hem spreken. Ik zou het niet willen ook.
Maar ik geloof en dat is mijn eigen ervaring dat Hij ons respecteert.
Dat Hij ons de ruimte geeft om dichterbij te komen, maar ook om ons weer terug te trekken.
Dat Hij weet dat vertrouwen niet in één dag gegroeid is.
En overgave al helemaal niet. Als het koud is mag je naar Hem toe gaan.
Maar word het te warm mag je je ook weer terug trekken.
En al die tijd is Hij bij je.
Want weet je, het willen en het werken, het komt allemaal van Hem.
Daarom geef je jezelf de ruimte bij de wisselingen van de seizoenen.

Voor alles is een tijd.





@Lineke




donderdag 1 november 2018

Bij de bron.


Terwijl ik een verwenontbijtje voor mezelf klaar maak, vangen mijn oren een geluidje op.
Ik herken het. De benedenbuurvrouw vertelde me het al.
Toen Jerommeke zoek was en zij ook ongerust waren.
Buurvrouw zit ’s zomers in alle vroegte en rust op haar gezellige terras met een kop thee.
Te genieten en terwijl ze dat doet, hoort ze het gelebber van een tongetje in water.
Behoedzaam kijkt ze opzij en ziet Jerommeke voor het waterbakje gekruld. Het waterbakje die ze iedere dag vult ten behoeve van vogeltjes en poezen.
De buurpoezen wel te verstaan.
Al heeft ze haar deur open, ze zullen nooit naar binnen gaan. Maar in haar buurt zitten ze stilletjes onder haar planten en drinken van het water.
Ze doet het geluidje van het tongetje na. De buurvrouw. Ze heeft net als ik oog en oor voor de kleine dingen des levens, die als grote geschenken voor je neergelegd worden.
En zo luister ik vanochtend naar het gelebber van dat kleine tongetje.
Het vertelt me dat het water vers genoeg is. Want anders zou hij er niet van drinken.
Het doet me denken aan wat Jezus de Samaritaanse vrouw vertelde.
Hij maakte een omweg om juist haar te ontmoeten.
Geduldig bleef Hij bij de waterput zitten totdat ze er aan kwam.
Midden op het heetst van de dag. Geen schaduw te vinden.
Ieder ander hield siësta maar zij trok er op uit. Juist dan trekt zij er op uit. Om in anonimiteit water te halen.
Ze leidde een leven, waarvoor neuzen werden opgehaald.
Vijf mannen had ze gehad en die ze nu had, was haar man ook niet.
Jezus benoemt het allemaal. In liefde en niet veroordelend.
En bij Hem vind ze water. Vers water voor haar ziel.
Ze ontdekt een bron in haar die nooit zal stoppen, die altijd zal blijven bruisen.
Dankzij Jezus Die haar uitnodigde om bij Hem te komen drinken als ze dorst heeft.
Berichten tegen Halloween waaien als herfstbladeren rond op facebook.
De afgelopen nacht kon je bidden tegen het werk van satan.
Ik bedacht me dat ik er niet aan mee zou willen doen.
Halloweenfans weten nu wel dat christenen er tegen zijn.
En als satans werk afhangt van één nacht zouden we gelukkige zorgeloze mensen kunnen zijn.
En kinderoffers, die worden gebracht in die nacht?
Wat dacht je van al die dagelijkse kinderoffers in de vorm van abortussen?
Wees nuchter en waakzaam. En weet dat Jezus de overwinning heeft behaald.
Schijn als heldere sterren in deze donker wordende wereld.
En drink met regelmaat uit de Bron van het Leven.
Geniet van de kleine dingen, die als grote geschenken voor je neergelegd worden.
Ik wens je toe dat je ze ziet.
Fijne dag vandaag.

@Lineke




De boom. (2.)

En de vrouw zag dat die boom goed was om ervan te eten en dat hij een lust was voor het oog, ja, een boom die begerenswaardig was om er ve...